Examen klaar, mobieltje kwijt!

beheer

Enkele weken geleden deed Ronald, de 17- jarige zoon van vrienden van mij, eindexamen VWO. Hoewel niet relevant: hij is geslaagd en ik mocht zelfs op zijn feestje komen.

Ronald had begin dit jaar een nieuw telefoonabonnement afgesloten, inclusief een nieuw mobieltje natuurlijk. Hij koos daarbij, hoe kan het ook anders, voor een iPhone 6. Met de opbrengsten van z’n bijbaantje kon hij dat dure abonnement wel bekostigen, vond hij. Wat was hij trots op zijn nieuwe smartphone. Hoewel steeds meer jongelui een dergelijk duur toestel bezitten, waarmee overigens in de praktijk nagenoeg niet meer gebeld wordt, realiseren ze zich vaak niet dat je bij de koop van een los toestel meer dan € 600,-- mag neertellen. Daarvoor moeten dus heel wat uurtjes gewerkt worden. En daar was Ronald onlangs (bijna) op een pijnlijke wijze achter gekomen.

Toen hij enkele weken geleden zijn schriftelijke eindexamen Engels wilde doen en daarvoor de gymzaal van zijn school wilde binnengaan, stond er een leraar als een soort schildwacht bij de deur. Mobiele telefoons mochten de zaal niet in. Ronald wist dat wel, maar hij was dat als gevolg van alle zenuwen gewoonweg vergeten. Geen nood: hij kon zijn telefoon alsnog in zijn kluisje leggen of gewoon in een plastic bak deponeren. Die bak stond op een tafel bij de ingang van de gymzaal en was door de school ter beschikking gesteld. Het kluisje was op dat moment geen optie meer voor Ronald. De tijd drong. Hij legde zijn smartphone dus in de bewuste bak.

Toen hij na het examen als één van de laatste examenleerlingen de zaal verliet en zijn mobieltje weer uit de bak wilde halen, bleek zijn iPhone te zijn verdwenen. Het was niet zo dat iemand per abuis een verkeerd toestel had meegenomen, want verder lag er geen toestel meer in. Die avond belde Ronald mij en vertelde het hele verhaal en vroeg mij hoe dat juridisch zat. Toen ik hem vroeg hoe hij er zelf over dacht, gaf hij mij aan dat hij wist dat er geen mobieltjes naar binnen mochten. Hij wist ook dat hij ervoor had kunnen kiezen om het toestel thuis te laten of achter slot en grendel veilig in zijn kluisje op te bergen. Hij concludeerde dat het dus eigenlijk zijn eigen risico was om te kiezen voor de plastic bak in plaats van het kluisje.

Wie is nu aansprakelijk? Moet Ronald de schade zelf dragen of kan de aansprakelijkheid wellicht bij de school liggen? De wet kent de overeenkomst van bewaarneming. Daarbij verplicht de bewaarnemer zich jegens de bewaargever, die een zaak aan de bewaarnemer toevertrouwt, de zaak te bewaren en terug te geven. In dit geval zou weleens sprake kunnen zijn van een dergelijke overeenkomst. De school had de plastic bak immers ter beschikking gesteld om daarin de vele mobieltjes “te bewaren”. Dat Ronald ook de keuze had zijn toestel in zijn kluisje te leggen, deed naar mijn mening mij niet af aan de bewaarneming door de school. Ook bepaalt de wet dat de bewaarnemer bij de bewaring de zorg van goed bewaarder in acht moet nemen. Had de school als bewaarnemer wellicht onvoldoende zorg betracht? Het stond namelijk vast (meerdere leerlingen hadden dat namelijk tegen Ronald gezegd) dat, in elk geval op het moment dat de bak weer op de tafel stond nadat de eerste leerlingen de examenzaal verlieten, de bak onbewaakt was. Er stond geen leraar bij.

De volgende dag nam ik contact op met Ronald op en gaf hem aan dat ik niet uitsloot dat er allereerst sprake was van een overeenkomst van bewaarneming. Vervolgens sloot ik niet uit dat het feit dat de telefoon was gestolen uit de onbewaakte bak, wel eens met zich mee kon brengen dat de school dus feitelijk wanprestatie had gepleegd. De school was de overeenkomst immers niet correct nagekomen, omdat de bak niet werd bewaakt door een leraar. Deze analyse hoorde Ronald al te graag. Hoewel ik zijn enthousiasme ietwat probeerde te temperen, wilde Ronald niets horen van risico’s. Ik stelde vervolgens een brief op voor Ronald die hij zelf ondertekende en naar de school stuurde. Kort geleden ontving hij een schriftelijke reactie van de school. Natuurlijk ontkende de school aansprakelijk te zijn. Echter, de school vond dat Ronald, na al die jaren, met een goed gevoel de school moest verlaten. Ze boden hem € 450,-- aan die Ronald direct accepteerde. In de laatste zin van de brief werd ten overvloede nog opgemerkt dat de school had besloten tijdens de eindexamens in de toekomst geen plastic bakken meer ter beschikking te stellen voor het bewaren van mobieltjes. De leerling mag in het vervolg kiezen: telefoon thuis laten of in de kluis leggen.

Indien iemand een zaak in bewaring neemt (denk bijvoorbeeld aan een garderobe in een bioscoop, waar u voor € 1,-- uw jas in bewaring geeft) moet hij er dus goed op letten. Raakt het zoek, dan kan de bewaarnemer aansprakelijk zijn voor de schade, zelfs als er een bord hangt met de alom bekende tekst: “De directie is niet aansprakelijk voor verlies of schade”. Het voorgaande is dan ook de reden dat er diverse schouwburgen in Nederland zijn waar de bezoeker duidelijk wordt gemaakt dat er sprake is van een onbewaakte garderobe. Immers, dan is er geen overeenkomst van bewaarnemening. De bezoeker draagt dan zelf het risico in het geval zijn jas wordt gestolen.

Wilt u meer weten over verbintenissenrecht?