Kinderalimentatie in tijden van economische crisis

beheer

Recent werd door minister Dijsselbloem in het nieuws gebracht dat Nederland uit de crisis is, maar de werkloosheid nog wel hoog is. In mijn praktijk zie ik nog steeds dat de crisis ook op de echtscheidingen een zware wissel trekt. Veel echtscheidingen zijn uitgesteld omdat bijvoorbeeld de echtelijke woning niet verkocht kan worden zonder dat sprake is van een grote restschuld. Het blijkt uiteindelijk toch onhoudbaar bij elkaar te blijven en op het moment dat dan de financiële balans wordt opgemaakt, blijkt dat het betalen van (kinder)alimentatie niet of nauwelijks haalbaar is.

Regelmatig tref ik de situatie dat er gedurende het huwelijk behoorlijke schulden zijn opgebouwd. De financiële nood wordt tijdens de echtscheidingssituatie pas echt zichtbaar. De nieuwe regelgeving omtrent het vaststellen van kinderalimentatie die per 1 april 2013 is ingegaan gaat voornamelijk uit van forfaitaire bedragen. Zo wordt er rekening gehouden met een vast percentage van het netto besteedbaar maandinkomen aan woonlasten en wordt een vast bedrag van € 860,00 per maand ‘vrij gehouden’ voor de alimentatieplichtige. In de formule voor het vaststellen van kinderalimentatie is in beginsel geen plaats meer voor afbetaling van huwelijkse schulden. Wel is het mogelijk om in bijzondere gevallen te werken met de ‘aanvaardbaarheidstoets’.Het is aan de onderhoudsplichtige om te stellen en te onderbouwen dat in zijn specifieke situatie het niet aanvaardbaar is om slechts uit te gaan van de formule. Alle omstandigheden van de situatie zullen moeten worden meegewogen in de afweging of inderdaad sprake is van een onaanvaardbare situatie. Deze omstandigheden zijn bijvoorbeeld het hebben van bijzondere lasten die daadwerkelijk noodzakelijk zijn en dat er geen mogelijkheid is om zich van die bijzondere lasten te bevrijden. Als voorbeeld kan hier genoemd worden een zeer hoge hypotheeklast op een woning waarbij het, gezien de huidige woningmarkt, onmogelijk is om de woning te verkopen, of een hoge schuldenlast die voortvloeit uit de huwelijkse tijd en waar daadwerkelijk op afgelost wordt.

Met name bij de schulden, wordt door de rechter heel nauwgezet gekeken naar de verwijtbaarheid van het ontstaan van de schulden en de mogelijkheid om zich van deze schulden te ontdoen. Als bijvoorbeeld een door de onderhoudsplichtige opgevoerde last verwijtbaar en het is mogelijk om zich van de last te ontdoen of een regeling te treffen dan zal de rechter de aanvaardbaarheidstoets niet inzetten. Als er wel sprake is van verwijtbaarheid maar er is geen mogelijkheid voor de onderhoudsplichtige om zich van de last te ontdoen of een regeling te treffen, dan zal de rechter kijken of er niet een mogelijkheid is om de last uit de vrije ruimte die een onderhoudsplichtige heeft te voldoen. Zo niet dan zal er een bedrag aan kinderalimentatie moeten worden voldaan datde onderhoudsplichtige in staat stelt de noodzakelijke kosten van levensonderhoud te voldoen. Uitgangspunt daarbij zal dan zijn dat de onderhoudsplichtige 90% van de op basis van zijn inkomen geldende bijstandsnorm mag behouden.

Je ziet dat juist deze aanvaardbaarheidstoets leidt tot geschillen over kinderalimentatie. Immers wanneer is een schuld verwijtbaar en in hoeverre is het voor de onderhoudsplichtige mogelijk om zich van de last te ontdoen. De rechter zal een verzoek om toepassing van de aanvaardbaarheidstoets alleen dan in behandeling nemen als de onderhoudsplichtige zijn verzoek uitgebreid heeft gemotiveerd en onderbouwd. Alleen dan is het mogelijk om te bezien of de situatie inderdaad zo schrijnend is als dat wordt aangevoerd.

Zo ziet u dat ondanks de meer forfaitaire rekenmethode het bepalen van de hoogte van kinderalimentatie toch maatwerk kan worden. Heeft u hierover vragen dan bent u bij SBM Advocaten aan het goede adres. Wij helpen u graag. 

Meer weten over personen- en familierecht