Indexering alimentatie 2014

beheer

Kinder- en/of partneralimentatie kan op twee verschillende manieren tot stand komen. Gewezen partners kunnen in onderling overleg tot vaststelling van een bepaald bedrag aan kinder- en/of partneralimentatie komen en dit vast (laten) leggen in een overeenkomst, of als ze het onderling niet eens kunnen worden, hakt de rechtbank de knoop door en stelt het bedrag vast.

De wijze waarop de alimentatie tot stand is gekomen, maakt geen verschil voor de indexering. De wet schrijft namelijk voor dat elke alimentatie, of die nu bij overeenkomst of door de rechtbank is vastgesteld, jaarlijks wordt geïndexeerd. De hoogte van het indexeringspercentage wordt jaarlijks berekend door het Centraal Bureau voor de Statistiek en uiteindelijk vastgesteld door het Ministerie van Justitie. Er wordt een rekenmethode gebruikt waarbij de loonontwikkeling van de CAO-lonen wordt gevolgd. Alimentatie wordt geïndexeerd omdat een alimentatie voor een lange periode overeengekomen wordt. Zou het ten tijde van de scheiding overeengekomen bedrag aan alimentatie nimmer verhoogd worden, dan zou als gevolg van inflatie het overeengekomen bedrag relatief steeds lager worden.

Met ingang van 2014 worden alle alimentaties met 0.9% geïndexeerd. Het indexeringspercentage is behoorlijk lager dan afgelopen jaar toen nog met 1,7% geïndexeerd werd (2013). Dit is volledig het gevolg van de lage inflatie waar wij thans in Nederland mee te maken hebben.

In een echtscheidingsconvenant worden nagenoeg altijd afspraken gemaakt over de indexering, waarbij in beginsel de wettelijke regeling gehanteerd wordt. Een rechterlijke uitspraak bevat in de regel echter geen verwijzing naar de verplichte jaarlijkse indexering. Het komt dus ook geregeld voor dat mensen er niet van op de hoogte zijn dat alimentatie jaarlijks geïndexeerd moet worden. Hierdoor kan het ontstaan dat over een bepaalde periode geen indexering van de alimentatie heeft plaatsgevonden. Er is dan een achterstand ontstaan in de te betalen alimentatie, die achteraf nog wel geïnd kan worden. Een dergelijke vordering van achterstallige alimentatie verjaart na verloop van 5 jaar. Bijvoorbeeld een alimentatie die in 2006 is vastgesteld zou voor het eerst op 1 januari 2007 geïndexeerd moeten zijn. Is dit niet gebeurd, dan kan het geïndexeerde gedeelte van de alimentatie alsnog geïnd worden over de periode 2008 tot en met 2013, 2007 is immers langer dan 5 jaar geleden en daarmee is die vordering verjaard. De indexering had ieder jaar plaats moeten vinden, zodat om vast te stellen hoeveel de achterstand is, steeds het bedrag van de alimentatie vermeerderd moet worden met de voor dat jaar geldende indexering en in het volgende jaar is dat dan weer het basisbedrag waarover de indexering plaats moet vinden. Al met al kan een dergelijke vordering behoorlijk oplopen.

De advocaten van SBM advocaten zijn uiteraard volledig op de hoogte van de regels omtrent de indexering van alimentatie en zullen u daar, in het geval voor u een alimentatie berekend moet worden, altijd op wijzen. Mocht u zelf alimentatie ontvangen welke de afgelopen jaren niet is geïndexeerd, dan kunt u uiteraard ook een beroep op ons doen. Wij zullen degene die u alimentatie dient te betalen wijzen op zijn/haar verplichting aangaande de indexering en wij kunnen zo nodig incassomaatregelen treffen om u alsnog te kunnen laten beschikken over de wettelijk verplichte indexering!