Omgangsregeling

beheer

Kinderen hebben het recht op contact met beide ouders. Ook indien ouders uit elkaar gaan, of dit nu een echtscheiding of verbreking samenleving betreft. Andersom heeft ook elke (gescheiden) ouder in principe recht op omgang met zijn / haar kind. Het komt voor dat een rechter in het belang van het kind bepaalt dat één van de ouders geen omgang met zijn kinderen mag hebben, dit gebeurt echter alleen in zeer uitzonderlijke situaties.

In mijn advocatenpraktijk kom ik vaak geschillen over een omgangsregeling tegen. Veel geschillen ontstaan als de ene partner, vaak de vader, omgang of meer omgang met zijn kinderen wil, terwijl de andere partner, vaak de moeder, aan dit verzoek geen gehoor wil geven. Komen partijen er niet gezamenlijk uit, of door middel van bemiddeling van advocaten of een mediator, dan kan het geschil aan de rechtbank worden voorgelegd. De rechter zal in dit soort zaken altijd een zitting bepalen waarop beide partijen hun standpunten uiteen kunnen zetten. Betreft het een omgangsregeling met een kind van 12 jaar of ouder, dan zal het kind voorafgaand aan de zitting ook door de rechter uitgenodigd worden om zijn of haar mening aan de rechter kenbaar te maken.

De rechtbank Amsterdam kreeg laatst een uitzonderlijke zaak voorgelegd. De rechter werd gevraagd te oordelen of een vader een eerder vastgestelde omgangsregeling die hij niet wilde nakomen, toch verplicht moest nakomen.

Het ging in deze kwestie om een man en een vrouw die gescheiden waren en waarbij door de rechter een omgangsregeling tussen de vader en zijn 12 jarige dochter van een weekend per veertien dagen en de helft van alle vakanties en feestdagen was vastgesteld. De vader besloot echter op enig moment de omgangsregeling niet meer na te komen. Als reden daarvoor gaf hij op dat zijn financiële situatie zo slecht was dat hij, mede door de alimentatie die hij moest betalen, zich de omgangsregeling met zijn dochter niet meer kon permitteren. De vrouw is het daar echter niet mee eens en start een kort geding procedure waarin zij vordert dat de man wordt verplicht om de eerder vastgestelde omgangsregeling ook daadwerkelijk na te komen. Zij stelt dat de dochter tenslotte recht heeft op een omgangsregeling met haar vader. Daarnaast voert de vrouw aan dat de opvoeding en verzorging van hun dochter een gedeelde verantwoordelijkheid van beide ouders is. Tot slot voert de vader aan dat het niet nakomen van de omgangsregeling ook bij de vrouw tot financiële problemen leidt, nu zij als alleenstaande moeder en een inkomen moet verdienen en voor haar dochter moet zorgen. De rechter is het met de vrouw eens. De man heeft volgens de rechter niet alleen recht op omgang met zijn dochter, maar ook de verplichting haar te verzorgen en op te voeden. De rechter oordeelt dan ook dat de man de eerder door de rechtbank vastgestelde omgangsregeling dient na te komen. De rechter verbindt hier zelfs een dwangsom aan van € 250,-- voor elk weekend en € 1.000,-- voor elke vakantie dat hij de regeling niet nakomt. Dit is uiteraard een bijzondere omstandigheid, doch deze uitspraak geeft duidelijk aan dat de rechtbank het verzorgen van een kind zowel als een recht als een plicht beschouwd.

Voor vragen met betrekking tot omgangsregelingen kunt u uiteraard contact met ondergetekende of een van de andere advocaten van SBM opnemen, wij helpen u graag verder!