De valkuilen van het Bestuurs(proces)recht!

beheer

>Het bestuursrecht beschrijft de regels waaraan de overheid zich moet houden bij het nemen van besluiten. Die besluiten gaan over onderwerpen variërend van uitkeringen en vergunningen tot snelwegen en vervuilde grond. Onderdelen van het bestuursrecht zijn bijvoorbeeld sociaal zekerheidsrecht, ruimtelijke ordeningsrecht, ambtenarenrecht, milieurecht en belastingrecht.   

In het bestuursrecht is ook geregeld wat een persoon of organisatie moet doen als hij het niet eens is met een besluit van de overheid. Dit onderdeel van het bestuursrecht heet het bestuursprocesrecht. De belangrijkste regels van het bestuursrecht staan in de Algemene wet bestuursrecht (Awb). In de Awb staat bijvoorbeeld hoe de overheid een besluit moet voorbereiden, onderbouwen en bekendmaken. Ook de regels voor het maken van bezwaar en het instellen van beroep tegen een besluit staan in de Awb. Naast de Awb zijn er nog andere, speciale wetten waarin aparte regels staan.   

Een persoon die het niet eens is met een besluit van de overheid, kan tegen dat besluit bezwaar maken. Is de persoon het niet eens met de beslissing op zijn bezwaar, dan kan hij beroep instellen. De termijnen die gelden voor het indienen van een bezwaarschrift of een beroepschrift zijn fataal. Dat betekent dat uiterlijk op de laatste dag van de termijn (vaak zes weken) het bezwaar of beroepschrift moet zijn ingediend. Wacht niet tot het laatste moment en zorg ervoor dat er een bewijs van afgifte wordt verstrekt of een bewijs van aangetekende verzending wordt verkregen. Menig bezwaar en beroep strandt immers op het feit dat het te laat is ingeboekt en niet kan worden bewezen dat het tijdig was ingediend.

 
Vaak komt een advocaat pas in beeld als de procedure bij de bestuursrechter aanhangig moet worden gemaakt. Helaas blijkt dan dat er tijdens de voorfase (zienswijze, inspraakmoment, bezwaarschriftprocedure) is verzuimd om alle relevante argumenten tegen het besluit naar voren te brengen. Ook dat kan fatale gevolgen hebben. Het is immers vaste rechtspraak dat nieuwe argumenten (hoe steekhoudend ook) in een later stadium door een rechter niet worden beoordeeld. Deze worden als een nieuw feit buiten behandeling gelaten. Het overheidsorgaan heeft immers dit (nieuwe) feit niet betrokken bij het nemen van de beslissing op het bezwaar. Om die reden dient het op een later moment ook niet te berde te worden gebracht.
 
Een ander veel voorkomend probleem is de vraag wie er nu als belanghebbende aangemerkt dient te worden in een beroepsprocedure bij de rechtbank of bijvoorbeeld de Raad van State. Indien er alleen namens de heer des huizes een bezwaarschrift is ingediend kan niet met succes namens de vrouw des huizes beroep worden aangetekend. Indien belanghebbenden niet alleen als bewoner maar ook als ondernemer / winkelier bezwaar hebben tegen een bepaald besluit, maak dat dan ook expliciet duidelijk in het bezwaarschrift. Zo wordt voorkomen dat in een beroepsprocedure een deel van de argumenten van tafel wordt geveegd omdat deze in een eerder stadium niet namens de zaak / onderneming/ vennootschap zijn aangevoerd en het bezwaarschrift uitsluitend namens een privé persoon was ingediend.
 
Kortom: het bestuursrecht oogt heel gemakkelijk omdat iedereen zonder advocaat bezwaar en beroep mag aantekenen tegen overheidsbesluiten. Toch vormt het een speciale tak van sport waarbij een goede kennis van de spelregels het verschil bepaalt tussen winst of verlies. Het (tijdig) inschakelen van een ter zake deskundige advocaat is dan ook raadzaam. Ook voor bestuursprocesrecht bent u bij ons dus aan het juiste adres.