Langjarige partneralimentatie of afkoop?

beheer

Tijdens het huwelijk zijn echtgenoten op grond van de wet verplicht om in elkaars levensonderhoud te voorzien. Ook na be‘indiging van het huwelijk kan de rechter bepalen dat de echtgenoot die niet over voldoende inkomsten beschikt om in zijn/haar levensonderhoud te voorzien en dit ook niet in redelijkheid kan verwerven, recht heeft op een bijdrage in zijn/haar levensonderhoud ten laste van de ex-echtgenoot.

Uitkeringen tot levensonderhoud (partneralimentatie) die door de rechter zijn toegekend of tussen partijen zijn overeengekomen na inwerkingtreding op 1 juli 1994 van de Wet Limitering na scheiding zijn in beginsel gebonden aan een maximum duur van 12 jaar (Òdit zijn de zogenaamde nieuwe gevallenÓ).
Voor uitkeringen tot levensonderhoud die v——r 1 juli 1994 door de rechter zijn toegekend of tussen partijen zijn overeengekomen geldt een termijn van 15 jaar (Òoude gevallenÓ).
Uitgangspunt van de Wet Limitering Alimentatie is enerzijds dat de echtgenoten bij het sluiten van het huwelijk de verplichting op zich hebben genomen om bij te dragen in elkaars levensonderhoud en anderzijds dat het onredelijk is dat ex-echtgenoten levenslang door een alimentatieplicht aan elkaar verbonden zijn.

Vooral omdat ex-echtgenoten financieel niet meer van elkaar afhankelijk willen blijven, kiest menig alimentatieplichtige en alimentatiegerechtigde de laatste jaren -zo blijkt uit de praktijk- steeds vaker voor het afkopen van de partneralimentatie. Bij een afgekochte alimentatie ontvangt de alimentatiegerechtigde in ŽŽn keer een geldbedrag na de echtscheiding in plaats van een maandelijkse bijdrage gedurende maximaal twaalf jaar. Afkoop van alimentatie kan (fiscaal) gunstig zijn voor beide partijen. Degene die de afkoopsom betaalt, kan in ŽŽn keer een groot bedrag ten laste van zijn inkomen brengen. Hierdoor bespaart de alimentatieÂplichtige belasting. Degene die de afkoopsom ontvangt, heeft de zekerheid dat het bedrag ook daadwerkelijk is betaald en kan dit (volledige bruto bedrag) aanwenden voor een direct ingaande lijfrente. Op het moment van uitkering is er pas belasting verschuldigd. Zo hoeft de ontvangende partij niet bang te zijn in ŽŽn keer een groot bedrag belast te krijgen.
De ex-echtgenoten weten hoeveel inkomen of vermogen zij na de echtscheiding hebben en kunnen daarmee hun nieuwe levensfase inrichten.

Partijen die gaan scheiden dienen de vragen die dan spelen over onder andere de wijze waarop men uit elkaar wil gaan, de (vermogensrechtelijke) gevolgen daarvan en de afspraken die in dat kader gemaakt moeten/kunnen worden onderling goed te bespreken. Dit onderhandelingsproces leidt uiteindelijk namens partijen tot een gezamenlijk of eenzijdig verzoek tot echtscheiding bij de rechter.
Helaas is het afkopen van alimentatie (nog) niet bij wet geregeld. Bij betwisting achteraf van de gemaakte afspraak blijken rechters bij eenzijdige verzoeken tot echtscheiding dit niet op te leggen. Het is dus aan de scheidende partijen om voor deze alimentatievorm te kiezen en dit gezamenlijk bij convenant overeen te komen. Uiteraard dienen partijen zich hierbij juridisch te laten adviseren en te begeleiden.

Dus zeg Õt maar, partneralimentatie gedurende 15 jaar, 12 jaar of de plicht voor partneralimentatie in ŽŽn keer aan je ex- echtgenoot voldoen door afkoop?