Machtsmisbruik en minachting voor rechter en burger

beheer

In het (ruimtelijk) bestuursrecht zijn er spelregels die er voor moeten zorgen dat de overheid de procedures zorgvuldig en correct uitvoert, dat wil zeggen in openbaarheid, na belangenafweging en democratisch gelegitimeerd. Indien een belanghebbende partij, bijvoorbeeld een vergunningaanvrager, het gevoel heeft dat zijn aanvraag op onjuiste gronden wordt afgewezen kan hij in bezwaar komen tegen de afwijzing. Een onwelgevallige beslissing die het bestuursorgaan vervolgens op het bezwaar neemt, kan in beroep aan de rechter worden voorgelegd. S oms zijn er van die gevallen waarin je merkt dat je ondanks goede argumenten niet kunt winnen. Gewoon doordat de spelregels tussentijds worden aangepast door het bestuursorgaan dat is geconfronteerd met een bouwaanvraag en een kennelijk onwelgevallig rechterlijk vonnis.

Een simpele bouwaanvraag voor een bescheiden uitbouw van een penthouse op de 5 e laag van een appartementencomplex in Houten begin 2003 wordt aanvankelijk welwillend door de gemeentelijke bouw- en woningdienst benaderd. De welstandcommissie wil de daklijst zus, de bouwambtenaar wil hem juist zo. Met enig ‘gepolder’ moet hier uit te komen zijn. Helaas is het echter de (overigens niet als zodanig gekwalificeerde) stedenbouwkundig ambtenaar die vindt dat er stedenbouwkundig gezien onoverkomelijke bezwaren zijn. In een 3 regelig advies wordt dit kenbaar gemaakt en dit leidt tot afwijzing van de bouwaanvraag. Nadat er bezwaar is aangetekend blijkt dat de gemeente Houten spontaan een beleidsnotitie aan het vaststellen is die gaat over regels voor aan- en uitbouw. Met een beroep op die nieuwe regels wordt het bezwaarschrift ongegrond verklaard. Een beroepsprocedure is onvermijdelijk. Daarbij wordt door aanvragers de hulp ingeroepen van een externe stedenbouwkundige, met veel ervaring, die zijn sporen in het vak heeft verdiend. Bij de rechtbank blijkt (ook) de rechter niet onder de indruk van de argumenten van de gemeente. Sterker nog: de doorslaggevende stedenbouwkundige argumenten zijn ook in zijn ogen meer te betitelen als welstandsargumenten. De welstandscommissie had geen problemen met de bouwaanvraag. De rechter gaat (helaas) niet in op het feit dat de stedenbouwkundige in gemeentedienst niet eens die titel mag voeren omdat hij niet als zodanig is ingeschreven. De gerechtvaardigde twijfel die er is of de beslissing van de gemeente wel opgehangen had mogen worden aan het standpunt van een ambtenaar die feitelijk onbevoegd is, blijft daardoor onbeantwoord. Dankzij de inbreng van de externe (wel gekwalificeerde) deskundige (door de gemeente denigrerend afgeschilderd als ‘vermeend deskundige, die slechte adviezen aflevert’) vernietigt de rechter de beslissing op bezwaar en draagt de gemeente Houten op om binnen 12 weken een nieuw besluit te nemen. So far, so good!!

Wat vervolgens gebeurt, tart elke beschrijving. In plaats van een ruiterlijke erkenning van het feit dat de gebezigde stedenbouwkundige argumenten ondeugdelijk waren en alsnog de fel begeerde vergunning te verlenen, al dan niet met een bos bloemen en een excuusje, draaien ambtelijke molens ongebruikelijk snel om een nieuwe beleidsnota te produceren. Die ambtelijke nota met pseudo-regels moet dienen als toetsingskader voor de beoordeling van bouwaanvragen in specifieke gevallen zoals die van de vergunningaanvrager. Is dit geen toeval? Kennelijk leidt de ambtelijke (on)wil om gelijk te krijgen tot een zeer grote dadendrang. Een week nadat de beleidsregels over balkons en dakterrassen zijn gepubliceerd in april 2005 besluit het college van B&W om opnieuw de bouwvergunningaanvraag af te wijzen. U raadt het al. Op basis van de zojuist vastgestelde nieuwe ambtelijke beleidsregels, die elk bouwinitiatief voor uitbreiding van gebouwen met meer dan 2 verdiepingen uitsluit, wordt het onwenselijk gevonden om mee te werken aan de gevraagde bouwvergunning. In de beslissing wordt ook nog gesteld dat de rechter eigenlijk teveel heeft geluisterd naar de externe deskundige en onvoldoende de argumenten van de gemeente in ogenschouw heeft genomen. De externe deskundige is volgens het besluit zelfs onvoldoende op de hoogte van de gemeentelijke situatie (of praktijken?). Kennelijk wordt geen enkel middel geschuwd. Elke afwijkende mening over de wijze waarop omgegaan dient te worden met argumenten van welstand en stedenbouw vindt kennelijk geen genade in de ogen van de gemeente. Je hebt ongelijk en als je erin slaagt om via de rechter wel je gelijk te halen, dan krijg je alsnog geen gelijk. Dus moet de vergunningaanvrager weer naar de rechter om alsnog en wederom zijn gelijk te krijgen nadat hij al 2 ½ jaar bezig is om een bouwvergunning te krijgen. Dit terwijl het op de weg van de gemeente had gelegen om in hoger beroep te gaan als zij zich niet kon vinden in de uitspraak van de bestuursrechter. Die weg durfde de gemeente echter niet te bewandelen.

Het is triest te moeten constateren dat een bestuursorgaan (college van burgemeester en wethouders van Houten) zich dit door hun eigen ambtelijke apparaat laat opleggen. Het is ook triest dat bijna alle fundamentele beginselen van behoorlijk bestuur, zoals die o.a. zijn voorgeschreven in de Wet ruimtelijke ordening, worden gebruuskeerd. Dit is misbruik van macht en valt in ieder geval niet te betitelen als fair play. De rechter zal wederom de burger te hulp moeten schieten om aan deze gemeentelijke praktijken paal en perk te stellen omdat de gemeente zelf niet in staat (b)lijkt om te doen dat ze had behoren te doen. Het verlenen van medewerking door verlening van de bouwvergunning. Kortom: Kafka in Houten.

Tenslotte: de bewuste beleidsnota is thans in de inspraakprocedure tot 9 mei a.s. Er ligt m.i. een schone taak voor de Gemeenteraad om in het kader van haar toezichthoudende taak paal en perk te stellen aan deze dirigistische pseudo-regelgeving om welstandachtige doelen te bereiken. Er is immers al een gekwalificeerd adviesorgaan op dit gebied (Welstand en Monumenten Midden Nederland) en bij twijfel over stedenbouwkundige aspecten kan het externe stedenbouwkundig adviesbureau van de gemeente Houten klaarheid scheppen.