De alternatieve oplossing

beheer

Regelmatig is op de televisie een programma te zien waar er ‘recht’ gesproken wordt. Het bekendste voorbeeld is wel ‘de Rijdende Rechter’. Op een zeer uitvoerige wijze worden de geschillen tussen partijen uiteengezet. Vervolgens doet de rechter dan uitspraak en daarmee is de zaak beslecht.

Juridisch is er sprake van een “bindend advies”. Partijen moeten voorafgaand aan zo’n programma schriftelijk verklaren dat zij zich zullen neerleggen bij het oordeel van de onafhankelijke rechter.

De geschillen die dan in zo’n programma worden beslecht, wijken niet veel af van de dagelijkse praktijk. Met grote regelmaat krijgen wij cliënten met soortgelijke geschillen met bijvoorbeeld hun buren, werkgevers, overheid etcetera. In de praktijk wordt echter zeer weinig gebruik gemaakt van het instrument “bindend advies”.

Veelal worden geschillen tussen partijen in onderling overleg opgelost, dan wel door middel van een rechterlijke uitspraak. Bindend advies blijkt tal van praktische problemen te hebben. Belangrijkste probleem is het vinden van een onafhankelijke deskundige die door beide partijen wordt vertrouwd. Onderling wantrouwen over de voordracht leidt dan al tot onoverkomelijke problemen. Om hieraan tegemoet te komen, wordt wel eens voorgesteld dat beide partijen een “deskundige”aanwijzen. Deze twee deskundigen kiezen vervolgens samen een derde-deskundige. U voelt waarschijnlijk al aan dat dit een kostbare oplossing is. Deskundigheid kost nu eenmaal geld.

Een ander belangrijk probleem is, dat een bindend advies geen vonnis is, maar ‘slechts’de (wettelijke) kracht van een overeenkomst heeft. Indien de verliezende partij zich niets aantrekt van het bindend advies moet de andere partij alsnog naar de rechter stappen om zijn gelijk te halen.

Ter voorkoming van deze praktische problemen biedt de Wet echter een interessante (maar weinig gebruikte) mogelijkheid om toch tegen relatief lage kosten een geschil door een rechter te laten beslechten. Partijen kunnen namelijk samen besluiten dat zij hun geschil zullen voorleggen aan de kantonrechter. Niet voor elk geschil is deze procedure toegestaan. Sommige zaken lenen zich evenmin voor deze procedure. Zaken die zich wel voor deze procedure lenen, kunnen goed en goedkoop worden beslecht. Een voorbeeld van een zaak die zich goed voor zo’n procedure leent is het volgende geval. De werknemer is arbeidsongeschikt, er is hem onjuist ontslag aangezegd, het bedrijf is gereorganiseerd en de werknemer (als enige) zal niet overgaan naar een nieuwe dochter-B.V. Kortom: Dit geval zal zich aan alle kanten lenen voor het voeren van verschillende procedures en voorlopige voorzieningen die gelijktijdig en kort na elkaar kunnen worden opgestart. De behandelende rechter zal partijen en hun gemachtigden wekelijks zien!

Een dergelijk geschil kan in één keer worden behandeld als partijen deze vrijwillig ter beslechting aan de kantonrechter voorleggen op grond van artikel 96 Rv. Het ‘probleem’ bij de benoeming van een derde-deskundige, met de daarbijbehorende hoge kosten, zal dan “omzeild” zijn. Voorts bespaart de vrijwillige onderwerping in dit geval een drietal kostbare procedures. Het geschil wordt immers in één procedure afgedaan.
Er zijn dus meerdere mogelijkheden waarop uw geschil kan worden afgedaan.

Mocht u ook een geschil hebben en onverhoeds van mening zijn dat slechts de “televisierechter” daarover kan oordelen, raadt pleeg dan eerst uw advocaat. Die heeft vaak een alternatieve oplossing voor uw probleem.