De werknemer geschorst. Toch recht op loon?

mr. W.A.L.D.I van Slagmaat
mr. W.A.L.D.I van Slagmaat

Onder bepaalde omstandigheden heeft de werkgever het recht om een werknemer gedurende een periode, die in de regel overigens niet te lang mag duren, te schorsen of, zoals dat ook wel wordt genoemd, op non-actief te stellen. Dit mag bijvoorbeeld als er een verdenking bestaat dat de werknemer zich schuldig heeft gemaakt aan diefstal binnen het bedrijf en de werkgever enige tijd nodig heeft om dat te onderzoeken. Ook komt het regelmatig voor dat een werknemer wordt geschorst, omdat de werkgever van plan is om een ontslagprocedure te gaan voeren, terwijl die werknemer verder niets ernstigs heeft gedaan. Veelal vindt dan schorsing plaats, omdat de werkgever bang is voor onrust binnen het bedrijf. Hoewel onder dergelijke omstandigheden schorsing formeel juridisch niet een juist middel is, gebeurt het toch regelmatig. De werknemer zou dan bij de rechter weer tewerkstelling kunnen vorderen. Niet zelden laten werknemers het erbij in afwachting van de beëindiging van de arbeidsovereenkomst.

Hoe zit het nu met het loon? Stel dat de werknemer een ernstig verwijt kan worden gemaakt en dat dit de aanleiding is voor de schorsing en het erop volgend ontslag. Moet de werkgever dan toch nog het loon doorbetalen tijdens de schorsing? De wet geeft op die vraag geen duidelijk antwoord. Er zijn zeker mensen - ook juristen - die van mening zijn dat onder dergelijke omstandigheden een werknemer tijdens een schorsing tot het moment dat het ontslag zal volgen geen recht heeft op zijn salaris, temeer nu hij ook niet werkt als gevolg van de schorsing. En die schorsing was in die situatie weer het gevolg van zijn ernstige wangedrag. Zou het dan niet zo moeten zijn dat de werknemer onder die omstandigheden dient te worden bestraft, door hem tijdens de schorsing het recht op salaris te onthouden? Immers, als de werkgever het loon in een dergelijke situatie toch moet doorbetalen, lopen wij dan niet het risico dat ernstig verwijtbaar gedrag van een werknemer wordt beloond? 
De hoogste rechter in ons land (de Hoge Raad) heeft op die vragen een duidelijk antwoord gegeven: het loon moet gewoon tijdens de schorsing worden doorbetaald! De Hoge Raad was namelijk van mening dat het niet-werken van een geschorste werknemer een feit is die te allen tijde voor rekening van de werkgever moet blijven. Dit blijft zo, zo oordeelde de rechter, als er ook echt een gegronde reden voor de schorsing was.
Toch is de uitspraak van de Hoge Raad zo gek nog niet. Allereerst laat de uitspraak niets aan duidelijkheid over en dat draagt bij aan de rechtszekerheid. De wet biedt een werkgever overigens wel de mogelijkheid dat een werknemer in bepaalde gevallen tot betaling van een boete kan worden gedwongen, maar daarvoor dient allereerst wel een bepaling in de arbeidsovereenkomst te zijn opgenomen. Daarbij komt ook nog dat die boete door de wettelijke regeling beperkt is: maximaal een halve dag loon per week. Wordt een werknemer nu geschorst onder inhouding van zijn hele loon dan verliest hij dus zijn gehele loon.

Het gehele verlies van loon, ook als we het zien als een vorm van een straf, strookt dan niet met het wettelijke maximum van een boete (als straf), maar ook niet met de eis dat over de betaling van boete een bepaling in de arbeidsovereenkomst moet zijn opgenomen.
Mocht er op enig moment in de maatschappij toch behoefte ontstaan om de werkgever in bijzondere situaties het recht te geven om tijdens schorsing van een werknemer het loon in te mogen houden, dan zit er maar één ding op: wachten tot de wet wordt veranderd.